In deel 1 heb je gelezen hoe complex het is om goed en betekenisvol te beoordelen. De vraag die we in dit tweede deel beantwoorden is: Hoe organiseren we het beoordelen in de praktijk? Want uiteindelijk moeten we kunnen aantonen wat onze leerlingen leren in onze lessen.
Heb je deel 1 nog niet gelezen? Klik hier
Een belangrijke eerste stap in betekenisvol beoordelen is het verleggen van de regie: niet jij als docent bent druk met beoordelen, maar je leerlingen krijgen zelf verantwoordelijkheid over hun leerproces.
Een veel gehoorde zorg is dat leerlingen zichzelf over- of onderschatten bij zelfreflectie. Uit onderzoek blijkt echter dat leerlingen, mits goed begeleid, verrassend accuraat kunnen zijn in hun zelfbeoordeling. Daarnaast laat onderzoek zien dat het verleggen van de regie effectiever en motiverender is voor de leerling1 2. Bovendien heb jij als docent altijd het laatste woord: je kunt bijsturen waar nodig.
De meeste scholen werken met 3 of 4 periodes per jaar. In plaats van voor elke losse lessenreeks een cijfer te geven, werk je toe naar een periodebeoordeling. Binnen elke periode doorloopt de leerling een duidelijk proces:
Het lectoraat Move To Be (Fontys Sport en Bewegen) heeft deze aanpak mooi in beeld gebracht:
Door de focus te leggen op formatief handelen, kan het aantal summatieve beoordelingen drastisch omlaag. Eén eindoordeel per periode is voldoende. Dit eindoordeel blijft wel belangrijk, om verschillende redenen:
Bij veel scholen telt het vak LO mee voor de bevordering of afstroming (determinatie) van leerlingen. Dit is echter een punt van discussie, omdat determinering meestal gebaseerd is op cognitieve vaardigheden, terwijl LO zich richt op praktische vaardigheden. Het meenemen van LO in de determinatie lijkt niet wenselijk, omdat dit erg complex is of zelfs onmogelijk goed te onderbouwen. Vakgroepen stellen vaak dat het schrappen van LO uit de determinatie de waarde van het vak binnen de school vermindert. Dit argument vervalt echter wanneer je collega’s duidelijk laat zien wat leerlingen daadwerkelijk leren in de LO-lessen.
Het maakt hierbij niet uit of je deze beoordeling uitdrukt in cijfers, O/V/G of Voldaan/Niet Voldaan - kies een vorm die aansluit bij jullie visie én het schoolbeleid. Vermijd daarbij onnodige complexiteit zoals cijfers achter de komma. Een overzichtelijke en goed te verdedigen schaal werkt het beste.
De vakgroep LO van het d'Oultremont college laat hier een mooi voorbeeld zien van hoe zij dit aanpakken:
📘Sportfolio App l Periode beoordeling | d'Oultremont College
Als je dit alles goed wilt organiseren, is een digitaal portfolio geen luxe meer, maar een noodzaak. Het ondersteunt niet alleen de verschuiving naar zelfregie van leerlingen, maar maakt het ook mogelijk om verschillende soorten bewijsmateriaal (foto's, video's, reflecties) overzichtelijk te verzamelen. De Sportfolio-app brengt al deze elementen samen in één gebruiksvriendelijk platform, specifiek ontwikkeld voor het bewegingsonderwijs. Hiermee kun je eenvoudig periodegericht werken, bewijsmateriaal verzamelen en het beoordelingsproces stroomlijnen.
Wil jij ervaren hoe de Sportfolio-app jouw beoordelingsproces kan versterken? Neem dan contact met ons op of vraag een vrijblijvend schoolbezoek aan.
Meer weten over dit onderwerp? Het lectoraat Move To Be van Fontys Sport en Bewegen presenteerd hun nieuwe boek; Leren Evalueren bij Lichamelijke Opvoeding. Vanuit april/mei aangeboden via het JanLuitingfonds: https://www.janluitingfonds.nl/publicaties/